FAQ

Wie zijn wij?

De INEOS WILL FALL-campagne is een coalitie van klimaat- en milieuorganisaties en de sociale beweging die samen strijden tegen de bouw van INEOS Project One in de haven van Antwerpen. Wij zijn niet gebonden aan politieke partijen of andere organisaties.

Wat zijn onze doelstellingen?

INEOS Project One mag niet gebouwd worden. Een nieuwe plasticfabriek, met vervuilend schaliegas uit de Verenigde Staten als grondstof en met een massale CO2-uitstoot, doorkruist het pad maar een klimaatneutrale en circulaire samenleving, en hoort dus niet thuis in de Antwerpse haven. 

De INEOS WILL FALL-campagne wil de betrokken beleidsmakers duidelijk maken dat het onaanvaardbaar is om nu nog investeringsprojecten van de fossiele industrie naar de Antwerpse haven te lokken, en die bovendien te ondersteunen met belastinggeld van de Vlaamse burgers.

Wij vragen ook een duidelijke en ambitieuze strategie voor een vlotte omschakeling naar een klimaatneutrale en circulaire industrie in Vlaanderen. Beleidsmakers moeten daarbij rekening houden met zowel onze toekomst als die van onze kinderen, maar ook met de gezondheid van de lokale gemeenschappen daar waar grondstoffen ontgonnen worden. 

Lokale en regionale beleidsmakers vergeten vaak dat klimaatrechtvaardigheid en sociale rechtvaardigheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn! De verantwoordelijkheid ten aanzien van het milieu stopt niet bij de grenzen van het gebied waar ze hun beleid voeren. De rampzalige gevolgen van bvb. het fracken naar schaliegas hebben een serieuze impact op de wereldwijde klimaatcrisis, en dus ook – zelfs al gebeurt dit aan de overkant van de oceaan – op de toekomstige leefwereld van Vlaamse burgers!

Waarom zijn we tegen INEOS Project One?

Voor de organisaties binnen de INEOS WILL FALL-campagne is INEOS Project One een symbooldossier. Door het aantrekken van dergelijke investeringen ketent de haven zich nog voor decennia vast aan het uitdovende fossiele verhaal, terwijl de toekomst elders ligt. 

Wij willen niet dat dit project uitgevoerd wordt, en we hebben daarvoor een aantal sociale, economische en ecologische redenen:

  • ‘Project One’ van INEOS zal Vlaanderen opzadelen met een bijkomende CO2-uitstoot van 0,8 tot 1,5 miljoen ton per jaar en zal de jaarlijkse uitstoot van de Antwerpse Haven met 8,3% doen stijgen. Dit is bijkomend het equivalent van de jaarlijkse uitstoot van 150.000 Belgen, op het moment dat de uitstoot drastisch omlaag moet. 

  • Ineos zal ethaan en propaan, bijproducten van schaliegas, als grondstof gebruiken hoofdzakelijk voor de productie van plastics. 

  • Tot 40% van het ethyleen geproduceerd in de ethaankraker zal dienen voor de productie van wegwerpplastic, d.w.z. plastic voor eenmalig gebruik, terwijl net het gebruik van dat plastic in de nabije toekomst aan banden zal worden gelegd.

  • Door onvoorzichtigheid en nalatigheid van de industrie komen miljarden ‘plastickeutels’ in onze rivieren en oceanen terecht (tot 230.000 ton per jaar!). Zeedieren en -vogels verwarren ze met voedsel en het plastic stapelt zich op in hun spijsverteringssysteem waardoor ze sterven van de honger met een volle maag. 

  • Methaanlekken en methaanuitstoot bij de winning, het transport en de verbranding van schaliegas vallen buiten de Europese ETS-regeling. De winning gebeurt buiten de Europese Unie en ook de uitstoot van internationale scheepvaart wordt niet meegerekend bij de klimaatimpact. De CO2-uitstoot veroorzaakt door het affakkelen, telt evenmin mee in de ETS-handel. Maar methaan is 86 maal krachtiger als broeikasgas dan CO2! Per eenheid nuttige energie draagt schaliegas zelfs 2,5 keer meer bij aan de wereldwijde opwarming dan steenkool.

  • De investeringen van INEOS kaderen in een overlevingsstrategie, waarbij men probeert om een wankel businessmodel te redden door miljoenen tonnen plastic tegen lage prijzen op de markt te brengen. Dit is enkel mogelijk door het gebruik van zeer goedkoop schaliegas uit de VS.

  • Door de druk op de prijzen die de toename van de plasticproductie zal veroorzaken, wordt de rendabiliteit van de plasticrecyclage naar beneden gehaald. Daarmee vertraagt INEOS de omschakeling naar een circulaire economie. 

  • Ondanks de nadelige milieuproblematiek, wordt het project sterk gesubsidieerd. Overheidsorganen zoals Participatiemaatschappij Vlaanderen en Flanders Investment & Trade spelen daarbij een dubieuze rol. Zo stellen zij zich voor minstens 250 miljoen tot zelfs een half miljard euro garant voor de bankleningen die INEOS moet aangaan voor dit project. 

  • ‘Project One’ creëert ondanks de enorme investering en subsidie slechts 400 klimaatonzekere jobs, voor veelal hoogtechnologisch profielen. Een gelijkaardige investering in circulaire projecten zou meer lokale jobs opleveren, met meer duurzame zekerheid voor de toekomst.

Welke actie mag je van ons verwachten?

Wij willen de bevolking en de media informeren over wat er in de haven rond het INEOS project gebeurt. Daarmee willen we de bewustwording en de kennis over deze problematiek vergroten en zo de publieke opinie aanzetten om het huidige beleid kritisch in vraag te stellen. 

Door solidariteitsacties met havenarbeiders en vakbonden pleiten we mee voor veilige, zekere en duurzame jobs in een sociaal rechtvaardige context.

Door een brede waaier aan actievormen willen we een gezamenlijk front van bezorgde burgers, activisten en havenarbeiders vormen dat ijvert voor een vlotte transitie naar een dynamische, circulaire en klimaatneutrale haven van de toekomst. Acties van burgerlijke ongehoorzaamheid lijken ons daarbij noodzakelijk om deze onaanvaardbare situatie aan te vechten. De volledige actieconsensus vindt u hier: https://ineoswillfall.com/actieconsensus/

Wie financiert ons? Worden wij betaald?

INEOS WILL FALL is een open, pluralistische en onafhankelijke campagne die volledig steunt op bijdragen van vrijwilligers, onder andere via het digitale crowdfundingsysteem Open Collective: https://opencollective.com/ineos-will-fall.

Verder worden de acties operationeel ondersteund door de deelnemende organisaties. Om de autonomie van de acties binnen de campagne te vrijwaren zal misbruik of toe-eigening door politieke spelers niet worden getolereerd.

Wat is schaliegas?

Schaliegas is een fossiele brandstof die opgeslagen zit in schaliegesteente en door de omstreden fracking-techniek gewonnen wordt. Schaliegas zelf bestaat voor het overgrote deel uit methaangas (gemiddeld rond de 90%), wat gewonnen wordt voor verwarming en het opwekken van elektriciteit. De overige bestanddelen zijn gassen zoals ethaan en butaan, de zogenaamde ‘vloeibare’ gassen’.

Ethaan werd vroeger als een afvalproduct van de schaliegaswinning gezien. Het was een gas waarmee men niets kon doen, tot men ontdekte dat je er onder hoge temperaturen in kraakinstallaties ethyleen van kan maken, en vervolgens plastic korrels. Zo werd de plasticindustrie de aanjager van de schaliegaswinning en joegen de oliebedrijven de plasticproductie aan. In de meeste gevallen investeren ze samen in nieuwe installaties.

Het is moeilijk om het gas te ontginnen omdat het opgesloten zit op grote diepte, als minuscule gasbelletjes  in geharde klei of schalie. In tegenstelling tot het “conventionele” (aard)gas dat we allemaal kennen, wordt schaliegas dus niet vastgehouden in een gasbel, omringd door een ondoordringbare laag gesteente, maar zit het in de rots zelf, op een diepte van 3000 tot 5000 meter. Het feit dat het gas opgesloten zit in het gesteente maakt het veel moeilijker om het te ontginnen. ​​​​​​

Die ontginning gebeurt door de schalielagen te verbrijzelen. Dat gebeurt door middel van de zeer omstreden techniek die ‘fracking’ wordt genoemd, een afkorting van de term “hydraulic fracturing”. Deze bestaat uit het onder zeer hoge druk zand, water en chemicaliën het gesteente in te spuiten via horizontale boorgangen in de rotslaag. Fracking is erg omstreden vanwege de negatieve impact op en risico’s voor het milieu.

Wat is fracking?

De zeer omstreden techniek die ‘fracking’ wordt genoemd, is een afkorting van de term “hydraulic fracturing”. Bij fracking worden onder hoge drukke zand, water en chemicaliën in schaliegesteente gespoten, en dat vanuit een netwerk van verticale en horizontale boorgangen. Hierdoor versplintert de schalie en kan het gas vrijkomen. Tijdens die eerste fase wordt het gas dat mee naar boven komt ‘gefakkeld’, in de open lucht verbrand dus, met verhoogde methaanemissies tot gevolg. 

Tijdens de exploitatie wordt het gas naar het oppervlak gebracht en dan via pijpleidingen verder verspreid. Een boorput blijft maar voor een relatief beperkte periode actief; slechts enkele jaren na de eerste boring vertraagt de uitstroom van gas. Om die reden moeten er telkens opnieuw putten geboord worden.

De chemicaliën zijn bedoeld om het fracken en de gasstroom te optimaliseren. De samenstelling van de chemicaliën bepaalt mee de effectiviteit van het fracken, en is daarom vaak een bedrijfsgeheim. Het is nog onduidelijk wat op de lange termijn met deze chemicaliën gebeurt. Er zijn wel al bewijzen dat deze stoffen ondergronds kunnen migreren. 

Een decennium fracken in de VS maakt duidelijk welke desastreuze effecten het winnen van schaliegas heeft. De gevolgen voor de leefomgeving van mensen, fauna en flora zijn rampzalig. De techniek veroorzaakt onder andere instabiliteit en verzakking van de ondergrond met als gevolg lichte, maar goed voelbare aardbevingen die voor aanzienlijke schade aan infrastructuur en gebouwen zorgen.

Meer details en bronvermelding zijn te vinden op de website van Antwerpen Schaliegasvrij https://www.schaliegasvrij.be/het-verhaal/schaliegas-fracking.html​​​

​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​Welke invloed heeft methaan op het klimaat?

Wereldwijd is 50-65% van de totale methaanemissies afkomstig van menselijke activiteiten.
Methaan wordt uitgestoten door de energiewinning, industrie, landbouw en afvalbeheeractiviteiten. Een aantal natuurlijke processen in de bodem en chemische reacties in de atmosfeer helpen om methaan (of CH4) opnieuw uit de atmosfeer te verwijderen, maar zijn absoluut onvoldoende om de stijgende uitstoot te compenseren.

In 2017 was methaan verantwoordelijk voor ongeveer 10,2% van alle Amerikaanse broeikasgasemissies door menselijke activiteiten. Olie- en gasactiviteiten zijn daarbij de op één na grootste bron van het krachtige broeikasgas geworden. Methaan komt vrij door lekken in niet optimaal gebouwde gasputten of bij het ‘affakkelen’ (als er een overaanbod aan gasproductie is, verbranden de boorbedrijven het gas onmiddellijk als het uit de put komt).

De levensduur van methaan in de atmosfeer is korter dan die van kooldioxide (CO2). Maar methaan is dan weer veel efficiënter in het opvangen van warmtestraling dan CO2. Over een periode van 20 jaar wordt methaan beschouwd als 86 keer gevaarlijker voor de opwarming van de aarde dan CO2; over een periode van 100 jaar als meer dan 25 keer gevaarlijker. Het is dus een bijzonder grote bedreiging voor het klimaat en de planeet. Daarom ook verklaarde de Europese Commissie in oktober 2020 in het kader van de lancering van de EU Green Deal dat de invoer van fossiele energie een belangrijke bron van methaanemissies is, en dus te beschouwen is als een van de voornaamste oorzaken van de klimaatverandering.

Ze gebruiken toch maar restproducten van schaliegas; die resten zullen er toch altijd zijn?

Ethaan was ooit inderdaad slechts een afvalproduct van de schaliegaswinning. Het was een gas waarmee men niets kon doen, tot men ontdekte dat je er onder hoge temperaturen in kraakinstallaties ethyleen van kan maken, en daarmee ook plastic korrels.

Zo is de plasticindustrie de aanjager van de schaliegaswinning geworden, en jagen de oliebedrijven tegelijk de plasticproductie aan. In de meeste gevallen investeren ze dan ook samen in nieuwe installaties, in een zeer schadelijk pact.

We classificeren deze uitspraak dus als een typische vorm van greenwashing. De plasticindustrie stimuleert wel degelijk de verdere ontginning van schaliegas.

Zijn ethyleen en propyleen basisgrondstoffen voor de productie van plastic?

Ethyleen en propyleen zijn de meest gebruikte basismaterialen in de productieketen van kunststoffen. INEOS beweert dat zijn grondstoffen ook en vooral zullen gebruikt worden voor het maken van bvb. windmolenwieken, zonnepanelen of andere duurzame producten. Maar cijfers die gepubliceerd werden door de plasticsector zelf (jaarverslag 2019 van sectorfederatie Plastics Europe) tonen een somber beeld. 40% van de vraag naar deze basisgrondstoffen dient nog steeds voor de productie van wegwerpplastics en verpakkingsmateriaal. 



Worden er in Ineos Project One plastickeutels geproduceerd?

Nee, niet direct. De geplande ethaankraker zal ethyleen produceren. Dat ethyleen wordt dan als grondstof gebruikt in andere fabrieken van INEOS in de haven van Antwerpen. In die installaties wordt ethyleen onder andere gebonden tot polyethyleen, wat lange plastic strengen oplevert die dan versneden worden tot korrels. De plastic korrels of keutels laten overal waar ze geproduceerd en verscheept worden een spoor van vervuiling na.

Welk geld van de belastingsbetaler stroomt er naar Ineos?

We lijsten hieronder even op welke geldstromen richting Ineos gaan. 

1. Naast financiële en fiscale steunmaatregelen worden aan INEOS ook uitzonderingen of vrijstellingen toegestaan op het vlak van naleving van milieureglementering, energiebeleidsovereenkomsten ondertekend of verhoogde compensatietarieven afgesproken voor bvb. de uitstoot van CO2. Zie de recente studie van GP, Bond Beter Leefmilieu en Arbeid en Milieu:

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/exxonmobil-total-basf-borealis-ineos-en-arcelormittal-industrie-krijgt-miljarden-steun-maar

2. Op 4 juli 2018 gaf Frank Beckx, CEO van de chemiefederatie Essenscia Vlaanderen, op KanaalZ meer details over “het zo goed mogelijk pakket” dat Flanders Investment & Trade, de chemiefederatie en andere betrokken spelers, via een voor het eerst opgestart ‘Welkom Team Chemie’ willen aanbieden:

https://kanaalz.knack.be/nieuws/ineos-overweegt-miljardeninvestering-in-antwerpen/video-normal-1169773.html

3. De Stad Antwerpen en de Vlaamse Overheid hebben INEOS naar Antwerpen gelokt door uit te pakken met 16 miljoen euro aan Vlaamse subsidies (waaronder ecologiesteun!). Ze verschaffen ook tot een half miljard euro Vlaams gedragen financiële garantstelling voor de bankfinanciering van INEOS Project One via Participatiemaatschappij Vlaanderen.

Wat houdt de bankgarantie van de Vlaamse Overheid via PMV juist in?

INEOS heeft een hoge schuldgraad; haar leningen worden door de ratingbureaus met argusogen gevolgd, onder andere door de minder goede vooruitzichten van de sector. Dat maakt dat INEOS moeilijkheden kan krijgen om voldoende financiering van de banken bij elkaar te sprokkelen voor dit project. Om dat probleem weg te werken, staat de Participatiemaatschappij Vlaanderen garant voor een belangrijk deel van het bedrag.

Dat betekent dat als het INEOS-project niet rendabel is en INEOS de bankschulden niet kan terugbetalen, de Vlaamse Overheid zal inspringen.

Die Vlaamse Overheid zet zich daarmee schaakmat: doordat ze zich garant stelt voor de rendabiliteit van een grote installatie voor de productie van plastic, kan ze niet tegelijkertijd streven naar een lager gebruik van plastic.

Het bos wordt toch gecompenseerd?

Door het project verdwijnt 49,03 ha bos, waarvan 20,64 ha ouder is dan 22 jaar. Rekening houdend met een compensatiefactor van 2 voor bos ouder dan 22 jaar, is hiervoor een boscompensatie van 41,28 ha noodzakelijk. De door INEOS beloofde compensatie wordt echter versnipperd in kleine percelen verspreid over gans Vlaanderen, aangezien in de Provincie Antwerpen alleen onvoldoende ruimte voor herbebossing beschikbaar is. 

Volgens de aangepaste project-MER van juli 2020 bij de gewijzigde vergunningsaanvraag voor de ontbossing gebeurt de juridisch verplichte boscompensatie nu voor​​​​​​​:
• 3,09 % op het grondgebied van de provincie Antwerpen
• 48,08 % op het grondgebied van de provincie Oost-Vlaanderen
• 5,2 % op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen
• 43,63 % op het grondgebied van de provincie Limburg

De vrijwillige, extra boscompensatie waar INEOS zo graag mee uitpakt gebeurt volgens hetzelfde document voor:
• 11,9 % op het grondgebied van de provincie Antwerpen
• 19,8 % op het grondgebied van de provincie Oost-Vlaanderen
• 21,3 % op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen
• 47,00 % op het grondgebied van de provincie Limburg

Ondanks de belofte van Zuhal Demir om Vlaanderen te herbebossen blijkt het hier meestal te gaan om kleine versnipperde stukjes met weinig tot geen ecologische waarde. Bovendien worden in heel Vlaanderen onder deze regering plannen gemaakt om stukken bos te kappen zonder rekening te houden met de gevolgen voor klimaat en biodiversiteit. Daarom ook maakte het Rekenhof na een diepgaande studie brandhout van het huidige Vlaamse boscompensatiebeleid als ondermaatse verantwoording om verder waardevolle natuur te vernietigen en te industrialiseren of te asfalteren.

In het bosarme Vlaanderen is ontbossing in principe verboden, maar de Vlaamse overheid staat in een aantal gevallen wel ontbossing toe. Bij de meeste van die toegestane ontbossingen moet de ontbosser echter wel voor een compensatie zorgen. De compensatie kan door elders een bos aan te leggen (de zgn. boscompensatie in natura op eigen grond of grond toebehorend aan derden) of door een financiële bijdrage van 1,98€/m², te storten in het Boscompensatiefonds (de zgn. financiële boscompensatie). Uit bovenvermelde studie blijkt onder meer dat slecht een klein percentage van de inkomsten uit financiële boscompensatie ook effectief gebruikt wordt om te herbebossen.

Het is toch beter dat INEOS zijn installaties hier bouwt, met strengere milieu- en sociale wetgeving, dan elders ter wereld waar een minder nauwgezette milieureglementering is?

In een reportage op KanaalZ dd. 11 februari 2020 zegt CEO Ineos Project One John McNally “We’re already the biggest manufacturer of these chemicals in Europe, but we’re also the biggest consumer. So right now we’re buying these chemicals from others. What we wanna do is actually to fill in our supply chain by making them ourselves.” en ook “you’ve also got a pipeline complex that will move these gasses that we’re gonna make to our other units in Europe

Uit deze en talrijke andere berichten van INEOS blijkt duidelijk dat het bedrijf de toevoer van grondstoffen voor zijn productiefaciliteiten in Europa wil verzekeren door deze zelf te produceren op een centrale locatie in Europa. Bovendien zoekt INEOS een plaats waar de nodige infrastructuur voor het transport van de grondstoffen en afgewerkte producten reeds aanwezig is. Slechts twee locaties voldeden voor INEOS aan de voorwaarden: Antwerpen en Rotterdam, waarbij Antwerpen de voorkeur kreeg. Project One op een andere plaats buiten Europa bouwen heeft dus totaal geen zin voor INEOS.

Wat is dat fameuze ETS systeem?

Het ETS (Emissions Trading System) is een systeem voor het verhandelen van emissierechten binnen de Europese Unie. Bedrijven kunnen binnen dit systeem rechten krijgen of kopen om een bepaalde hoeveelheid CO2 uit te stoten. Het principe van “de vervuiler betaalt” dus. Als een bedrijf meer uitstoot dan waar het recht op heeft, moet het rechten bijkopen; als het minder uitstoot kan het ook rechten verkopen. Het verhandelen gebeurt op een virtuele veiling waar het aanbod en de vraag de prijs bepalen. 

ETS is een ‘Cap and Trade’ systeem is: er wordt bepaald hoeveel CO2 er in een bepaald jaar mag uitgestoten worden en aan de hand daarvan wordt bepaald hoeveel rechten er beschikbaar zijn. Ieder jaar vermindert de toegestane uitstoot, en dus ook het aantal beschikbare rechten. Daardoor stijgt de prijs van de rechten en zijn bepaalde vervuilende industrieën niet langer rendabel en moeten ze sluiten (denk aan steenkoolcentrales).   

Belangrijk om te beseffen: het ETS-systeem staat los van de emissiedoelstellingen die een regio vooropzet voor zijn bevolking. Als Antwerpen dus praat over een halvering van de CO2-uitstoot op stadsniveau, dan zijn de bedrijven die onder het ETS-systeem vallen daar niet in meegerekend. 

Maar wat heeft dit met INEOS te maken? INEOS is een chemiebedrijf, en valt theoretisch onder het ETS systeem. In de praktijk krijgen de chemiebedrijven gratis emissierechten. De uitleg hiervoor is dat ze anders op wereldniveau niet langer competitief zijn. Maar het gevolg is wel dat de emissie van de Vlaamse chemiesector al een hele tijd niet meer daalt. De sector haalt graag cijfers aan die het tegendeel tonen, maar het gaat dan om de emissie per geproduceerde eenheid. Als die productie blijft stijgen, zoals ze ook doet, dan blijft de totale emissie gelijk. Het is uiteindelijk die totale emissie, waar de sector niet voor betaalt, die een effect heeft op het klimaat.

INEOS gebruikt toch naar eigen zeggen de meest innovatieve technologie met maximale vermindering van de uitstoot?

Dat is wat INEOS wil laten geloven, een typisch staaltje van ‘greenwashing’ of de zaken ‘groener’ voorstellen dan ze zijn. Inderdaad zal deze installatie de meest efficiënte van zijn soort zijn in Europa; er zijn in Europa al decennia geen zo’n krakers meer gebouwd en de bestaande zijn dus uiteraard ouder en minder efficiënt.

Maar dat wil helemaal niet zeggen dat deze installatie proper is; ze stoot nog altijd grote hoeveelheden CO2 uit, en zal dat ook gedurende decennia blijven doen. 

Kan het ook anders? Zou INEOS of een ander bedrijf een nog CO2-vriendelijkere fabriek kunnen bouwen? Wij menen van wel. Er zijn al veel betere modellen in werking op andere bedrijventerreinen  (zelfs in de haven van Antwerpen) en in de komende twee jaar starten er nog betere modellen op. Bovendien werkt BASF aan een volledig elektrische kraker, waarbij tijdens de productie dus geen CO2 uitgestoten wordt. Eenmaal die technologie (binnenkort) op punt staat is de INEOS-installatie op slag verouderd. Maar doordat er een groot bedrag in geïnvesteerd is, zal die verouderde installatie dan nog jarenlang COblijven uitstoten. 

Een tweede element is het gebruik van vervuilend schaliegas als grondstof, hoe efficiënt de installatie ook is. Maar doordat de vervuiling bij de ontginning, en dus buiten deze installatie gebeurt, rekent INEOS deze niet mee in het ‘innovatieve’ verhaal.

We moeten toch de CO2-uitstoot afbouwen. Moet INEOS daar geen rekening mee houden?

Inderdaad. Ook INEOS moet een plan voorleggen over hoe ze de uitstoot gaan halveren en uiteindelijk tot nul zullen brengen. Daarbij stellen ze hun hoop op de CCS-technologie (Carbon Capture and Storage), het idee om de CO2 op te vangen, vloeibaar te maken, en dan via een pijpleiding bijvoorbeeld diep in de grond, in een niet meer gebruikt olie- of gasveld te pompen.

Hierbij zijn heel wat kanttekeningen te maken.

Ten eerste gaat het om een technologie die nog niet op deze schaal is uitgeprobeerd. We weten niet of het kan. Dat maakt dat het hele project lijkt op opstijgen met een vliegtuig en beloven dat je onderweg het landingsgestel wel zult maken.

Bovendien vereist deze technologie een dure infrastructuur (pijpleidingen, pompinstallaties …) die niet in het businessmodel zijn meegerekend, en waarvan de kosten – noodgedwongen – door de overheden zullen moeten gedragen worden. Noodgedwongen … want het vliegtuig hangt dan al in de lucht.    

Maar – het belangrijkste argument – het afvangen van CO2 maakt het productieproces in de kraker aanzienlijk duurder, misschien wel tot 30%. Dat is een kost die modernere, door waterstof en duurzame energie aangedreven krakers, niet zullen hebben. Ook hier dreigt de INEOS kraker dus al op voorhand een verloren zaak te zijn.

Hebben we dan geen plastic meer nodig?

Jawel. Maar om de om zich heen grijpende plasticvervuiling tegen te gaan, moeten we inzetten op chemische recyclage en het beperken van plastic voor eenmalig gebruik. Het massaal produceren van nieuwe plastic past niet in het plaatje van een duurzame en circulaire economie.   

Wereldwijd zijn er twee evoluties aan de gang die elkaar tegenwerken. Aan de ene kant is er het monsterverbond tussen de olie-industrie en de chemische industrie om een deel van de opgepompte olie en gas af te leiden naar de petrochemie. In die zin is de evolutie naar elektrische wagens en duurzame verwarming er voor een deel voor verantwoordelijk dat oliebedrijven naar andere toepassingen zijn gaan kijken. Zo voorspelt het Internationaal Energieagentschap (IEA) tegen 2030 een stijging met maar liefst 70 procent van de ethaanproductie, de meest gebruikte grondstof voor plastics. Dat er geen tekort is aan plastics, en dat de prijs van plastics daardoor zeer laag is, houdt de industrie dus niet tegen om nieuwe installaties te plannen en te bouwen. 

Ten tweede is er de strijd tegen de plasticvervuiling die overheden aanzet tot het nemen van steeds strengere maatregelen. Zo komt er in de Europese Unie regelgeving tegen het gebruik van wegwerpplastics, en zal er ook een verplichting komen om een steeds groter percentage plastic te recycleren. Dat gerecycleerde plastic, en de bedrijven die gaan recycleren, moeten dan wel opboksen tegen een overvloed van goedkoop nieuw plastic.  

Waar moet al dat plastic van INEOS dan heen? Dat zal, vrezen wij, voor een deel geëxporteerd worden naar werelddelen met minder regelgeving. Recent zagen we bijvoorbeeld in de Verenigde Staten druk vanwege  een aantal grote chemie- en olieconcerns om de handelsovereenkomst met Kenia te beïnvloeden. De vraag was of Kenia zijn verbod op wegwerpplastic niet kon schrappen, en of het geen verdeelcentrum kon worden voor de distributie van plastic naar andere Afrikaanse landen.

Plastic zit toch overal? Dit kan je niet tegenhouden. Ook in je kleren zit er toch plastic?

Dat klopt. Enorm veel producten bevatten één of andere vorm van plastics. Plastic is een enorm veelzijdig, handig, en sterk materiaal. Bovendien is het moeilijk af te breken, een supermateriaal eigenlijk dat we moeten koesteren en goed gebruiken.

Maar toch we zien vandaag dat veel van die plastics na een kort gebruik in het milieu terechtkomen. Daar breken ze in stukken, tot ze uiteindelijk microplastics worden, minuscule stukjes plastic die zelfs in de voedselketen, en vandaar in ons lichaam terechtkomen. Een supermateriaal dat we zomaar weggooien.   

Precies daarom moeten we inzetten op een circulaire keten voor plasticproducten, waarbij uiteindelijk plastic zelf de grondstof wordt voor plastic. Er bestaat al een enorme hoeveelheid plastics die we daarvoor kunnen gebruiken. En bovendien zijn er wereldwijd installaties die al een overvloed aan plastic produceren. Er is dus zeker, en dat voor lange tijd, geen nood aan nog meer productie.

Tijdens de covid-crisis hebben wij bedrijven zoals INEOS meer dan nodig. Ze leveren toch de grondstoffen voor verpakkingen van materiaal in de zorgsector en voor handgel?

Er is inderdaad op dit moment met de covid-crisis een grote nood aan flexibel, afwasbaar, wegwerpbaar materiaal. Maar er is niet echt een tekort aan grondstoffen voor die zaken. En bovendien is het een tijdelijke piek in de vraag. Tegen de tijd dat de nieuwe INEOS installaties hun grondstoffen leveren, is de vraag alweer gedaald, en wordt dus het overschot aan bv. ethyleen alleen maar groter. 

Belangrijke nuance ook: INEOS gebruikt schaliegas als grondstof, en dat is misschien wel de meest vervuilende, ongezonde optie mogelijk. Wij menen dat, als de gezondheidssector de keuze zou hebben om duurzamer plastic (bv. gerecycleerd) te gebruiken, ze dan niet zou kiezen voor de INEOS plastics.

Ze maken daar nuttige producten die we hard nodig hebben zoals plastic voor windmolens en zonnepanelen?

De nieuwe INEOS installaties dienen voor het aanmaken van grondstoffen voor plastics, niet voor de aanmaak van al dan niet nuttige producten.

INEOS zelf haalt graag het argument aan dat hun grondstoffen tot nuttige, duurzame producten zullen leiden. Tot op zekere hoogte is dat ook waar, maar uit statistieken blijkt dat een bijzonder groot deel van de grondstoffen die bij INEOS zullen gemaakt worden, uiteindelijk voor verpakkingen en wegwerpplastic gebruikt worden. 

INEOS gebruikt bovendien schaliegas als grondstof, en dat is misschien wel de meest vervuilende, onduurzame optie mogelijk. Wij menen dat, als fabrikanten van duurzame producten de keuze zouden hebben om duurzamer plastic (bv. gerecycleerd) te gebruiken, ze dan niet zou kiezen voor de INEOS plastics op basis van schaliegas.

Er is toch gezorgd voor behoud van de biodiversiteit?

De Biologische Waarderingskaart van de Vlaamse Overheid omschrijft de zone waarin INEOS zijn project wil bouwen als ‘een complex van biologisch waardevolle elementen’. Het gaat om interessante pioniersvegetaties met verspreide bosjes, samen meer dan 40 hectare waardevolle natuur. Met de geplande ingrepen kunnen ook de nesten en voortplantingsplaatsen van heel wat beschermde dier- en vogelsoorten onherroepelijk verloren gaan. Het gaat onder meer over oeverzwaluwen, kieviten, scholeksters, bergeenden, graspiepers, buizerds en ook de zeldzame rugstreeppad. 

In een eerste Milieueffectenrapport (MER) hield INEOS onvoldoende rekening met de bijzondere diersoorten die zich in het gebied bevinden. Na de afkeuring van dat eerste rapport zijn er enkele alinea’s aangepast. INEOS zal nu bv. een nieuwe paargebied “zoeken” voor de rugstreeppad. Er is sprake van een vijver die in de buurt zou gegraven worden waar de padden dan voor nieuwe padden kunnen zorgen. Voor de vogelsoorten gaan ze ervan uit dat een nabijgelegen gebied waar al andere vogels broeken ook kan dienen voor onder andere de kieviten. Ze beloven daarom die nabijgelegen velden een maand later te laten maaien dan nu het geval is. 

Daarmee ademt het hele dossier de gedachte uit dat de natuur maakbaar en verplaatsbaar is. ​​​​​​​Dat is nochtans al in andere projecten de facto en ook juridisch weerlegt. Zowel de Europese Vogel- als Habitatrichtlijn stellen bijvoorbeeld expliciet dat het beschadigen van nest- en voorplantingsplaatsen principieel verboden is. Enkel bij hoge uitzondering kan hier van worden afgeweken. ​​​​​​​Vreemd genoeg vraagt INEOS zelfs die uitzondering niet, alsof ze er van uitgaan dat ze hier geen nest- en voorplantingsplaatsen​​​​​​​ beschadigen.

Lees meer hierover: https://www.knack.be/nieuws/belgie/bestaat-onaangeroerde-wildernis-hier-nog-wel-zonevreemde-natuur-werpt-nieuwe-vragen-op/article-opinion-1662381.html

Er komen toch 400 jobs bij? Is dat dan niet belangrijk?

Natuurlijk zijn jobs belangrijk. Maar het is ook belangrijk om in gedachten te houden dat dit tot nu toe enkel een belofte, een lokkertje is, en geen garantie. Bovendien gaat het om jobs in een sector en met een technologie die wereldwijd onder druk staat, en die binnen afzienbare tijd door meer klimaatvriendelijke alternatieven zal voorbijgestreefd worden. Jobs dus waarvan het er naar uitziet dat ze niet erg duurzaam zijn.

Wij zijn van mening dat met dezelfde inspanningen evenveel of zelfs meer jobs kunnen gecreëerd worden die wel inzetten op circulariteit en klimaatneutraliteit. Jobs waarvan iedereen weet dat ze in de komende decennia broodnodig zullen zijn. De chemische sector heeft trouwens zelf heel wat projecten lopen voor meer klimaatneutrale technologieën, denk aan processen aangedreven door elektriciteit en waterstof. Het is onze overtuiging, en het is in de praktijk al zichtbaar, dat jonge technisch afgestudeerden geschoold worden voor de technieken van morgen, en dus ook eerder op zoek gaan naar toekomstgerichte, groene jobs. Het zou dus weleens kunnen zijn dat er niet eens veel interesse is voor de jobs bij INEOS.  

Toemaatje: INEOS heeft geen al te beste track record wat arbeidsomstandigheden en -voorwaarden betreft. Het bedrijf is wereldwijd al meermaals veroordeeld voor ondermaatse arbeidsomstandigheden en -voorwaarden.

Waarom zijn jullie tegen meer werkgelegenheid in Vlaanderen?

Wij zijn niet tegen meer werkgelegenheid in Vlaanderen, integendeel. Maar we zijn wel van mening dat dezelfde financiële inspanningen en beloftes die nu gedaan worden, evenveel of meer jobs zouden opleveren in meer duurzame en toekomstgerichte projecten. Bovendien is INEOS in zijn Europese bedrijven berucht om zijn waslijst aan inbreuken op het sociaal- en milieurecht. Het lijkt ons dus niet het ideale bedrijf en het ideale project om met ons Vlaams belastinggeld te ondersteunen.

INEOS is toch een groot, stabiel bedrijf? Is dat geen garantie voor meer welvaart?

INEOS is inderdaad groot, maar uit verschillende bronnen valt af te leiden dat het vooral op zeer korte termijn handelt, en voor wat betreft de langere termijn een weinig stabiel businessmodel heeft.

INEOS financiert bijvoorbeeld zijn projecten volledig met leningen. De terugbetaling daarvan hangt af van de (onvoorspelbare) toekomst. Dat hebben ook de twee voornaamste kredietbeoordelaars gezien (Moody’s en Fitch). Voor een lening die INEOS in oktober opnam, geven ze de rating BBB, wat wil zeggen dat ze denken dat het bedrijf “in staat is haar leningen terug te betalen, maar dat er meer kans is dat negatieve economische evoluties hier verandering in brengen.”​​​​​​​ 

Daardoor was het vooraf ook twijfelachtig of INEOS voor Project ONE bij de Belgische banken zou kunnen aankloppen. De oplossing die men gevonden heeft is de garantie van de Participatiemaatschappij Vlaanderen. Details daarover zijn zorgvuldig geheimgehouden, maar het komt volgens onze experten op het volgende neer: Als INEOS zijn toekomstige leningen voor Project ONE niet kan terugbetalen, dan staat PMV – U en ik, de belastingbetaler – garant voor de terugbetaling. 

Om terug te komen op de vraag: niet INEOS staat dus garant voor meer welvaart, maar u zelf!

Het is toch beter dat die fabriek hier gebouwd wordt, met strenge milieu en sociale wetgeving, dan elders in de wereld?

Dat is een drogreden die dikwijls aangehaald wordt, ook door INEOS zelf. Maar de waarheid is dat INEOS een installatie wil bouwen die nauw aansluit op zijn andere fabrieken en op die van zijn klanten. En dan zijn er maar een paar mogelijkheden.

In eerste instantie ging het om Rotterdam en Antwerpen, andere plaatsen kwamen niet in aanmerking. Rotterdam is uiteindelijk afgevallen. Wat daarbij de doorslag gegeven heeft, weten we niet. Maar twee belangrijke argumenten waren in elk geval de afstand tot bestaande installaties en klanten, en het ‘welkomstpakket’ van de overheden.  

Twee kanttekeningen nog. Ten eerste zijn wij – Vlaanderen – geen kampioen in milieueisen, in tegenstelling tot wat de vraag lijkt te suggereren. In tegendeel, in veel Europese rangschikkingen zitten we in het staartpeleton. Als INEOS dus op zoek gaat naar een plaats waar er lagere eisen zijn, dan komen ze misschien ook in Vlaanderen terecht.      

Ten tweede menen wij dat we niet moeten toegeven of meespelen in een opbod van steden die multinationals als INEOS allerlei fiscale voordelen en steunmaatregelen beloven om de fabriek aan te trekken. Wij geloven dat internationaal verzet tegen deze vervuilende multinationals absoluut noodzakelijk is, en dat begint bij verzet in Vlaanderen. Onze haven heeft internationale uitstraling en de ambitie om klmaatvriendelijk te worden; het annuleren van de bouw van deze fabriek kan dan ook een duidelijk internationaal signaal zijn.

Is het niet beter als de fabriek onder de Belgische en Europese strenge regelgeving valt? Anders bouwen ze die gewoon in een land waar ze meer zullen uitstoten?

Er waren van in het begin slechts weinig plaatsen waar deze fabriek gebouwd kon worden. Project One levert grondstoffen voor de andere installaties en moet er dus mee verbonden zijn, of tenminste zeer dichtbij liggen. Verder heeft INEOS de nodige infrastructuur nodig om de grondstoffen aan te voeren en de afgewerkte producten naar zijn klanten te brengen. Een grote, toegankelijke haven dus, met een plaatselijke cluster van klanten en een netwerk van pijpleidingen, spoorwegen en snelwegen. 

Daarenboven willen we allerminst een opbod van steden die multinationals als INEOS allerlei fiscale voordelen en steunmaatregelen beloven om de fabriek in hun haven aan te trekken. Wij geloven dat internationaal verzet tegen deze vervuilende multinationals absoluut noodzakelijk is, en dat begint bij verzet in Vlaanderen. Onze haven heeft internationale uitstraling en de ambitie om klmaatvriendelijk te worden; het annuleren van de bouw van deze fabriek kan dan ook een duidelijk internationaal signaal zijn.

Dit is toch de meest efficiënte en zuinige kraker ter wereld die hier gebouwd wordt?

Het is misschien op dit moment wel de meest zuinige kraker in vergelijking met diegene die er al een tijdje staan. Nieuwe auto’s zijn ook zuiniger dan diegene die al een aantal jaar op de baan zijn. Maar net zoals met auto’s zitten we op een kritiek punt. 

Er wordt namelijk gezocht naar manieren om de zware industrie radicaal te veranderen en klimaatneutraler te maken, onder meer door waterstof en groene elektriciteit te gaan gebruiken. Op het moment dat de eerste krakers met die nieuwe technologieën er staan, is deze INEOS-kraker plotseling hopeloos verouderd (maar moet hij nog heel lang mee, misschien wel tientallen jaren). En net zoals met auto’s is er geen manier om van een fossiele installatie een elektrische te maken. 

Samengevat: deze kraker is nu al technologie van het verleden, alhoewel het – toegegeven – in vergelijking met andere installaties een efficiënte technologie van het verleden is. 

Ook belangrijk, en volledig losstaand van het feit of de kraker nu efficiënt is of niet: de installatie gebruikt vervuilend, schadelijk schaliegas om (overwegend) wegwerpplastic te maken. Zowel die grondstof (schaliegas) als het product (wegwerpplastic) zijn blijvend niet duurzaam.

Voor die niet-toekomstgerichte installatie doet INEOS beroep op subsidies en garanties betaald door publieke gelden, die volgens ons dus beter zouden besteed worden aan industrie die wel toekomstgericht, klimaatneutraal, en circulair is.

Dat beetje uit de hand gelopen verwildering is gewoon industrieterrein, als INEOS er niet bouwt, dan bouwt een ander bedrijf daar?

De Biologische Waarderingskaart van de Vlaamse Overheid omschrijft de zone waarin INEOS zijn project wil bouwen als ‘een complex van biologisch waardevolle elementen’. Het gaat om interessante pioniersvegetaties met verspreide bosjes, samen dus meer dan 40 hectare waardevolle natuur. Met de geplande ingrepen kunnen ook de nesten en voortplantingsplaatsen van heel wat beschermde dier- en vogelsoorten onherroepelijk verloren gaan. Het gaat onder meer over oeverzwaluwen, kieviten, scholeksters, bergeenden, graspiepers, buizerds en ook de zeldzame rugstreeppad. 

Dit gebied is inderdaad ook bestemd als industriegebied. Maar dat neemt niet weg dat ieder bedrijf dat daar een project wil opzetten, zich aan de regels moet houden van onder andere de Europese Vogel- als Habitatrichtlijn​​​​​​​. 

Wij menen dat er best wel toekomstgerichte bedrijven zijn die dat willen en kunnen. Wij zijn niet zo cynisch om te geloven dat als het ene bedrijf de boel niet om zeep helpt, een ander wel zal staan springen om dat te doen. Het is waarschijnlijk zelfs moeilijk om naast INEOS nog een ander bedrijf te vinden dat een dergelijk dedain heeft voor het milieu (hun werknemers inbegrepen trouwens). Wanneer deze grond dezelfde inkleuring behoudt in het kadaster en dus industriegrond blijft, laat het dan gebruikt worden door en bedrijf dat inzet op de groene transitie en voor een echte compensatie van het bos gaat. Ander en beter, wat ons betreft.

INEOS doet mee aan de World Cleanup Day. Ze kopen energie uit windenergie (contract met Engie) en ze gaan CO2 opslaan. We zouden ze een medaille moeten geven in plaats van ze in de weg te staan! Of niet?

INEOS heeft, zoals de meeste fossiele bedrijven, een groot probleem als het gaat om het aanvaardbaar maken van zijn business bij de overheid en het grote publiek. Wereldwijd zie je dan ook dat dergelijke bedrijven grote PR-inspanningen doen om hun bedrijf duurzamer te doen voorkomen. ‘Greenwashing’ heet zoiets. En inderdaad worden er in het kader van die ‘greenwashing’ ook wel positieve acties opgezet, maar die zijn heel erg klein in vergelijking met de totale negatieve impact van die bedrijven. 

Een mooi voorbeeld vormen de schepen waarmee INEOS gas vervoert. Dat gas is schaliegas, dus enorm vervuilend en klimaatonvriendelijk, en de grondstof voor de beruchte plastickeutels die overal in de natuur terecht komen. Toch zet INEOS net op die schepen de slogan ‘Keep our rivers clean’, en steunt ze financieel een initiatief van de industrie om minder plastic in de rivieren en zeeën te lozen. Cynischer wordt het niet.  

Kortom: Een proficiat voor de positieve acties die echt een verschil maken. Maar zolang het bedrijfsmodel van INEOS veel meer klimaatschade en milieuschade berokkent dan de acties kunnen compenseren, kunnen wij dit bedrijf geen medaille geven.

INEOS gaat toch windenergie gebruiken voor zijn energievoorziening, is dat niet duurzaam?

INEOS heeft inderdaad twee grote contracten getekend voor de levering van groene energie afkomstig uit windmolenparken. Daarmee kunnen ze een deel van hun energiebehoeftes uit een duurzame bron halen.

We juichen dit initiatief ten zeerste toe, en we hopen dat INEOS uiteindelijk zijn volledig elektriciteitsverbruik uit niet-fossiele bronnen zal betrekken. 

Toch lost dit op termijn maar een deel van het probleem op. Zolang INEOS als grondstof het vervuilende schaliegas blijft aanvoeren, en zolang ze in hun productieproces zelf CO2 produceren, zal het bedrijf netto blijven bijdragen aan de klimaatontregeling. Economen zoals Geert Noels vinden daarom dat de ontginning van schaliegas zou verboden moeten worden – wie zijn wij om hem op dat punt tegen te spreken?

Ook nog deze bedenking: INEOS zal in zijn nieuwe installaties grondstoffen maken die voor een belangrijk deel zullen terechtkomen in verpakkingen en wegwerpplastics. Dat op een moment dat de wereldgemeenschap maatregelen neemt om af te geraken van dat soort plastics. Is het dan wel wijs om grote hoeveelheden duurzame energie te ‘mis’-bruiken om iets te maken waarvan er al te veel is, en waarvan we vanaf willen? Er zijn tal van meer dringende, ook industriële, noden die om duurzame energie vragen.

Zijn er wel alternatieven, we kunnen toch niet zonder industrie en overschakelen op materiaal dat niet van plastic gemaakt is kan toch niet onmiddellijk gebeuren?

​​​​​​​Wij pleiten niet voor een wereld zonder plastic. Er zijn zeker vele nuttige, en zelfs levensnoodzakelijke toepassingen. Het punt is dat er op vele vlakken mogelijkheden zijn om de plasticproductie vele malen duurzamer te maken, en dat geen enkele van die mogelijkheden hier benut wordt. Integendeel.

Zo gaat nog altijd een groot deel van de grondstoffen zoals INEOS die produceert, naar de aanmaak van plastic voor eenmalig gebruik. Nu is zowat iedereen het erover eens dat plastic een veel te ‘goed’ materiaal is om het slechts éénmaal te gebruiken en dan weg te gooien. Alvast voor dat deel liggen alternatieven voor de hand. De reden waarom plastic wel gebruikt wordt, is omdat het zo goedkoop is. Daar zal deze installatie nog aan bijdragen.

Dan is er ook bv de mogelijkheid om plastics te maken op basis van andere bronnen dan het vervuilende schaliegas. Zo kan plastic bijvoorbeeld ook uit biologisch materiaal (planten) gemaakt worden. Het is dan nog altijd plastic, maar de bron is duurzamer. Een andere mogelijkheid is om plastic te maken uit plastic, chemisch recycleren dus. Dat is waar bv. de Europese Unie meer en meer wil op inzetten. Maar met de huidige en toekomstige geplande overvloed aan nieuwe polyethyleen, zullen alternatieven altijd duurder zijn. Ook dankzij deze installatie dus.

Samengevat: natuurlijk hebben we nog plastics nodig. Maar dat betekent niet dat we een nieuwe grote installatie nodig hebben die nieuw plastic maakt op basis van schaliegas.

INEOS Project One zal Vlaanderen terug meer competitief maken met de rest van Europa. Dat is toch een goede zaak? 

Dat hangt er maar van af. Competitief in wat juist? Het zal ons in elk geval niet meer competitief maken in de toekomstige circulaire en klimaatneutrale Europese economie. Integendeel: van het moment dat deze installatie in productie gaat, zullen we het moeilijker hebben om groenere doelstellingen te halen. De Antwerpse haven zal dalen in de rangschikking van toekomstgerichte havens en de Antwerpse regio zal het moeilijker hebben om zich te handhaven als een gezonde regio.

Bovendien: is het verstandig om elkaar binnen Europa vliegen af te vangen met lossere regels voor vervuilende industrie? Willen we dan zo graag wonen in één van de meest vervuilde, maar competitieve, regio’s? Is dat een toekomstplan dat we onszelf, onze kinderen en kleinkinderen als geschenk willen geven?

Jullie willen een circulaire en klimaatneutrale haven, is dat geen dromerij van jonge activisten?

Belangrijk om weten: het is de ambitie van de Antwerpse haven zelf om in te zetten op circulaire economie en om op termijn klimaatneutraal te worden. Om dat te bereiken zijn al heel wat plannen en concrete initiatieven opgestart. Het is daarom onze indruk dat de uitbreiding van INEOS ook voor de toekomstplannen van de haven niet erg gelegen komt, al zal niemand dat officieel toegeven.

Voor meer informatie over de klimaatambitie van de haven, zie onder andere hier: 

https://www.portofantwerp.com/nl/klimaatactie

Het gaat dus zeker niet om de dromen van jonge activisten alleen. De campagne bestaat trouwens uit deelnemers van alle leeftijden met expertise op allerlei domeinen. Daarbij staat een toekomstgerichte, realistische visie voorop. Als sommigen dat graag dromerij noemen, dan vinden wij dat niet eens een slechte beschrijving. De haven zelf droomt dat blijkbaar ook.

Het is cynisch en onjuist om te doen alsof er niets kan veranderen. Zoveel positieve veranderingen leken onmogelijk, tot ze gebeurden. Wij eisen dus een leefbare economie in een leefbaar milieu voor zowel havenarbeiders als iedereen daarbuiten. En wij menen dat diegenen die denken dat in een context van klimaatontsporing alles bij hetzelfde kan blijven, niet met de voeten in de realiteit staan.

Hebben jullie concrete plannen voor die circulaire en klimaatneutrale haven?

De haven zelf heeft hierover heel wat concrete plannen. Zie onder andere deze pagina: https://www.portofantwerp.com/nl/klimaatactie

In onze visie beslissen burgers, bewegingen én werknemers mee over het vormgeven van de circulaire haven van de toekomst. We willen de ruimte daarvoor vrijwaren, en willen daarom de bouw van deze plasticfabriek verhinderen.

Waarom gingen jullie destijds mee staken bij INEOS Phenol?

Wij zijn voor bescherming en inspraak op het werk en steunden daarom de staking bij INEOS Phenol. Wij staan voor klimaatrechtvaardigheid. Voor ons zijn sociale bescherming en milieu onderdelen van dezelfde strijd naar een ander systeem. Arbeiders noch milieu dienen opgeofferd te worden voor de winst van ceo’s en aandeelhouders.

Door zo duidelijk de kant te kiezen van de werknemers in de haven, zoek je daarmee niet het conflict op met de ondernemers die uiteindelijk zorgen voor de innovatie en de werkgelegenheid?

Als er iets is dat de covid-crisis getoond heeft, is dat het dikwijls de inzet van arbeiders en bedienden is die ervoor zorgt dat de economie en de zorg blijven functioneren. Het zijn uiteindelijk de vele werknemers die voor onze gemeenschappelijke welvaart zorgen, niet enkel in de haven maar ook in de zorg.

We doen daarmee niet af aan de rol van de ondernemers, maar we zien dat enkelen – zoals Jim Ratcliffe van INEOS – vooral geïnteresseerd zijn in de financiële winst op korte termijn. De vervuiling, milieuschade, klimaatproblemen, en gezondheidsproblemen laten ze aan de maatschappij over. 

Tenslotte remt de Vlaamse fossiele chemie met deze ontwikkeling duidelijk de omwenteling naar klimaatneutraliteit en klimaatrechtvaardigheid af. Wij menen dat het ook in het voordeel van de Vlaamse werknemers is om de juiste weg naar de toekomst in te slaan, en niet een pad te nemen dat binnen een aantal jaar toch zal doodlopen.